Posts tonen met het label Umbrië. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Umbrië. Alle posts tonen

donderdag 5 juli 2018

Val d'Orcia


Een must schijnt het te zijn, een dagtrip per automobiel door de Val d'Orcia. Dat hebben we geweten, want dat klopt. Op weg er naar toe deden we nog even Lago Trasimeno aan, nu aan de westkust. We parkeerden in Castiglione del Lago bij het politiebureau en wandelden noordwaarts, tot een verlaten plek waar waarschijnlijk vroeger water uit het meer werd gepompt en gezuiverd voor menselijke consumptie. Mooi verval.



De tocht kon nu echt beginnen. We hadden de gouden tip gekregen te starten in Monticchiello, een stokoud alsmede piepklein plaatsje. Vandaar reden we via Pienza, San Quirico d'Orcia, Bagno Vignoni, Castiglione d'Orcia en Rocca d'Orcia de hele vallei rond. Werkelijk schitterend!
Bij tijd en wijle was het bloedheet en Carla zat er op een gegeven moment echt doorheen, dus zijn we via andere omwegen dan heen weer teruggereden en via de supermarkt huiswaarts gekeerd. 



Nog even nasudderen op het terras en toen lekker linguine met garnalen gegeten. Morgen de laatste dag, doen we rustig aan en besluiten met een dinertje met onze gastmensen alhier in Casa Gambaroncia! Onthoud die naam nou toch mensen!!
\

maandag 2 juli 2018

Umbrië, ook leuk


Hoewel wij ons in Toscane bevinden, wij zijn niet bang ook aan Umbrië, meer bepaald Assisi, een bezoekje te brengen.  Het is een kleine 90 km rijden en parkeren konden we in de gloednieuwe parkeergarage aan de rand van de stad, waarna we per roltrap ons naar de stad begaven. Assisi is een zeer goed gepreserveerd middeleeuws stadje, voor eeuwig verbonden aan de heilige Franciscus van Assisi(!) (zie ook mijn bericht van 10 jaar geleden). 

Het is loeiheet inmiddels en de onvermijdelijke toeristen laten zich graag verleiden door de talloze souvenirwinkeltjes. Er zijn aardig wat Amerikanen en Duitsers op de been, iets wat onze Fransiscus ongetwijfeld zou toejuichen.  Via de Sint -Fransiscusbasiliek en het Clarissen Kapucijner klooster van de Duitse Zusters, belanden we op het hoogste punt: Rocca Maggiore, een oud fort, ongenaakbaar in de hitte. Daarna dronken we een welverdiend colaatje op een terrasje.



Op de terugweg deden we Lago Trasimeno aan, het enige open water in de regio van betekenis. In het piepkleine vissersplaatsje Torricella verpoosden we een wijle aan de oever, zeer fotogeniek. Bij wijze van sfeerverlichting gooien ze daar visnetten over de steigerlampen. Ook zagen we plaatselijke vissertjes die kisten vol zoetwatervis sleten aan een restauranthouder neem ik aan. Een poes wachtte haar kans af...

Passignano sul Trasimeno was ons ook aangeraden, maar parkeren aldaar was dermate niet te doen dat we, ook al omdat we er eigenlijk doorheen zaten, naar huis zijn gereden. Daar aangekomen aten we restjes en door de buurman aangeboden komkommers van eigen bodem. Er zouden er meer volgen, veel meer.