Posts tonen met het label Rouen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Rouen. Alle posts tonen

donderdag 25 juli 2013

Déjà vu

Na een mislukte poging om afgelopen winter bij Celma en Robert hun nieuwe appartement in Rotterdam te bekijken (Carla had kiespijn en daarna kwam het er niet van), zijn we vorige week maar weer afgereisd naar hun Chambres d'hôtes in Saint-Agnan-de-Cernières, Normandië. Ook leuk. Op de heenweg zouden we de verlaten boerderij van 'Boerin in Frankrijk' nog even uitchecken, op de terugweg de supermarkt Auchan in Roncq. Het liep anders.

De heenweg was niet zonder incidenten. Celma had ons al gewaarschuwd voor oponthoud in Rouen, sowieso een obstakel van formaat. De Pont Mathilde is gesloten en de borden dirigeren je dan helemaal om Rouen heen in noordwestelijke richting, een deviation die letterlijk een omweg is. Zij stuurde ons per e-mail een gedetailleerde, betere route. Dat was dus niet het probleem. Dat kwam veel eerder, net voor Abbeville, waar de D928 ter hoogte van Froyelles met borden was afgezet maar zonder enige aanwijzing hoe dan wèl te rijden. Wij dachten met onze intelligente navigatie dat varkentje wel even te wassen, maar elke route die we probeerden  leidde weer naar die vermaledijde D928, tot we ver genoeg afweken zodat we uiteindelijk via St. Riquier in Abbeville verzeild raakten. We hadden zoveel tijd verspild dat we het bezoek aan onze boerin maar uitstelden tot de terugreis.


Enigszins bedremmeld kwamen wij dus aan maar we werden meteen getrakteerd op een barbecue, kundig aangestoken door Robert, die wel iets met vuur heeft. De maaltijd werd verluchtigd met de geluiden die een naboer (naburige boer) maakte tijdens het aan- en afrijden met de zojuist geoogste hooibalen die daarna omstandig met een vorkheftruck in de schuur werden gebracht. Het heerlijke weer, de wijn en het meer dan prettige gezelschap maakte veel goed. Voor het donker werd ben ik nog even de buurt gaan verkennen om wat foto's te maken. We maakten plannen voor de komende dagen: vrijdag naar de kust en zaterdag een boswandeling in de buurt.

's Anderendaags, net voor het ontbijt, maakte ik nog wat meer foto's in het mooie ochtendlicht. Na het heerlijke ontbijt was er nog wat brood over en dat namen we mee als lunchpakket. We reden door het prachtige Normandische landschap, via Caen, naar les Plages du Débarquement, oftewel de Landingsstranden. We waren in 2001 al eens met de meiden in Grandcamp-Maisy geweest, maar reden nu naar Colleville-sur-Mer ter hoogte van Omaha Beach, waar de Normandy American Cemetery and Memorial is gesitueerd. We bezochten het paviljoen, het strand en tenslotte de begraafplaats. Om maar eens en cliché te hanteren: indrukwekkend! We vervolgden onze weg naar Arromanches-les-Bains, gelegen aan het Gold Beach. Hier liggen nog tientallen pontons, zowel in zee als op het strand, die aldus gevormd tot 'Mulberry' haven gebruikt werden tijdens de Landing op D-Day. Na al dit oorlogsgeweld reden we via Falaise terug naar ons vakantiestulpje. Het is al twee dagen prachtig weer en het blijft voorlopig zo.


Zaterdagochtend maakten we de boswandeling in de buurt. Het is een landschap zoals wij dat graag zien: akkers, velden, bos, af en toe een boerderij en vooral geen andere wandelaars. Het belooft erg warm te worden dus we vertrekken vroeg (11.00 uur...). Celma en Robert gaan mee als gids en vertellen honderduit over de omgeving. We wijken zelfs nog af van het pad om een verlaten houtzagerij te bekijken. Er huist een bijenvolk, dus we komen niet te dichtbij. Het wordt wel erg warm en zijn blij als we weer in de bewoonde wereld zijn en heerlijk in de schaduw kunnen lezen en luieren. 's Avonds eten we heerlijke moules frites, eigenhandig gekookt door Celma, die ons al dagen verwend met hapjes en drankjes. Redelijk uitgeblust kruipen we, als het donker is, in onze mandjes.


Zondagochtend is het alweer tijd om naar huis te gaan. De terugtocht verloopt redelijk voorspoedig en we komen na twee uur rijden in Inval-Boiron aan, waar de verlaten boerderij van Wil den Hollander staat. Er is niet veel veranderd, het gras staat wat hoger en je kunt niet overal goed naar binnen kijken. Met de nieuwe camera toch maar weer wat foto's gemaakt. Binnen, in één van de schuurtjes, staat een blikje Deja Rubbing-Compound Super, dat drie jaar geleden op exact dezelfde plaats stond. De tijd staat hier stil. We eten in de bloedhitte ons lunchpakketje en vertrekken voor de laatste etappe naar Roncq, om boodschappen te doen bij Auchan, één van de vele gigantische supermarkten die Frankrijk rijk is maar die, tot onze verbazing, op zondag gesloten is. Merde!

zaterdag 24 september 2011

Somme der delen

Niet 'Onder de Linden'
maar onder de walnotenboom. 
23 september 2011 | De rit naar onze laatste bestemming in het departement Somme in de Regio Picardië begon een beetje moeizaam. Er zijn namelijk geen snelwegen tot de aansluiting met de A83 in de Vendée. Daarna ging het vrij rap, tot Rouen, sowieso een nachtmerrie voor wie daar niet al te vaak komt. Zo kwam het dat wij op de A115 uitkwamen en niet op de A28. Het bespaarde ons wel een rit door de stad zelf, wat op zich weer een opsteker was, een extra péage op A29 ten spijt. Daarna vonden wij onze kronkelweg naar Le Mazis, het gehucht waar de Chambres d'Hôtes 'Onder de Linden' van Aart Onder de Linden en zijn vrouw Dorette staat. Het is 'tweede keus', aangezien wij oorspronkelijk bij Celma en Robert in Normandië wilden neerstrijken, maar die konden niet dit weekend.

Een geluk bij een ongeluk, want het blijkt een zeer mooi landhuis te zijn met enorme kamers. De kamer die wij hadden had een badkamer die groter was dan onze hele hotelkamer in La Rochelle! We werden meteen begroet door de poes, gevolgd door Dorette, die ons een kopje thee aanbood en een (stroef) gesprekje met ons aanging. Zij spreekt redelijk goed Nederlands. Haar man Aart was niet aanwezig en die ontmoetten wij pas de volgende ochtend. Na het uitpakken en genieten van de zon in de enorme achtertuin gingen we een hapje eten in het naburige Blangy-sur-Bresle. Dorette had op een briefje de route voor ons uitgestippeld. We lieten ons oog vallen op pizzeria La Trattoria, waar we een eenvoudige doch voedzame maaltijd nuttigden, waarna we in het pikkedonker terugkeerden. Carla liet zich nog even zakken in het bad op pootjes (foto's bij de redactie verkrijgbaar).
 

24 september 2011 | De volgende ochtend keken we uit het raam: Grondmist en een waterig zonnetje. Koel weer, maar verder helder. Het beloofde weer een mooie dag te worden. Bij het ontbijt ontmoetten we Aart, een Nederlander die in 1946 naar Frankrijk emigreerde. Ons eerste tripje die dag was naar het gehucht Inval-Boiron, waar de boeken van schrijfster Wil den Hollander-Bronder zich afspelen. Hierover later (véél) meer in een apart bericht.


Op de kaart zag ik dat de zee niet ver is en het plaatsje le Tréport ligt het dichtstbij. Aart had ons ook aangeraden eens naar le Hourdel (!) te gaan. We zouden wel zien. De weg naar le Tréport was niet zonder obstakels. Er bleek één of andere wielerwedstrijd gaande te zijn, aangegeven door wegafzettingen en borden déviation (wegomlegging). Naarmate ik die borden volgde kreeg ik steeds meer het gevoel dat dit nu juist de route van de wielerronde was maar dan in omgekeerde richting! Gek genoeg hebben we geen wielrenner gezien. Le Tréport is een druk havenstadje aan de monding van de Bresle, waar veel toeristen komen. We parkeerden bij het strand, recht onder de krijtrotsen. Het strand bestaat voor 99,99% uit kiezelstenen. Uiteraard is er een vuurtoren, die naar onze smaak iets te veel naar een urinoir rook. In de haven riep ineens iemand Phoque! WTF dacht ik, maar het bleek dat er een zeehond (Nederlands voor phoque) in de haven gesignaleerd was. Helaas kon ik geen foto maken omdat op het moment suprême de batterij van mijn camera het liet afweten, daarna was het zeezoogdier verdwenen. Verderop in de haven staan op de kade enkele viskramen, die op dit uur van de dag de onverkochte voorraad in de haven kieperen, een soort burgeroorlog onder de aldaar talrijke meeuwen veroorzakend.


Na een kopjen kofjen op een terras reden we naar le Hourdel. Onderweg kwamen we een Auchan tegen (een supermarkt waar we regelmatig komen) en daar kochten we proviand voor de komende dagen, waaronder een hele gerookte kip en stokbrood voor vanavond. Naarmate we le Hourdel naderden werden we omringd door honderden motorrijders, die uitgerekend vandaag een rally aldaar hielden op hun antieke motoren. Gevolg was dat het erg druk was in le Hourdel, een soort vakantiedorpje nabij de Somme en uitkijkend over de Baie de Somme. Dit is een enorm brede riviermonding die bij eb nagenoeg droogvalt en dan grote gelijkenis vertoont met de slufter op Texel. We lopen rond en genieten van de weidsheid en de stilte.


Handig, zo'n kiptafel...
We reden op ons gemak weer terug en, nadat Aart ons in de wijnkelder had rondgeleid, aten we stokbrood met gerookte kip op de kamer, begeleid door de wijn die we van Trudy en Cas hadden gekregen.

25 september 2011 | 's Anderendaags zaten we met vijf nationaliteiten (NL, BE, DE, US, FR) aan de ontbijttafel. Aan het eind van de ochtend reden we weer naar Nederland. Onderweg aten we restjes kip met brood.




In totaal hebben we gedurende deze reis twee files gehad: op de heenweg bij Parijs en vandaag voor de Van Brienenoordbrug in Rotterdam. Valt nog mee eigenlijk...


zondag 14 november 2010

Iets gemist?

Ontdekkingsreizigers.
De laatste dag van deze ietwat vreemde vakantie. Je dochter gaat samenwonen met haar vriend in Portugal. Eindelijk een excuus om eens een flink eind te gaan rijden, door België, Frankrijk en Spanje. Spullen mee, bagage en een jerrycan benzine. Op de heenreis maakten we twee stops, in Poitiers en Valladolid. Vervolgens bleven we een doordeweek in Póvoa de Santa Iria, een voorstad van Lissabon, waar we kennis gemaakt hebben met Laura's vrienden en Bruno's ouders. Toen naar Toledo, doe eens gek, we zijn er nu toch. Daar hebben we ons éénendertigjarig huwelijksjubileum gevierd en het 'échte' Toledo's pad gelopen. Dan, in  vier etappes terug. Met een verblijf in Millau van twee dagen en een bezoek aan het Viaduc aldaar en nog eens twee dagen in Saint-Agnan-de-Cernières, bij Celma en Robert.

De (Peugeot) Leeuw van België:
Luctor et emergo
Vanmorgen zijn we tamelijk vroeg opgestaan, we willen rond 10.00 uur vertrekken, wat lukt. Het ontbijt is weer fabuleux en we maken nu legaal lunchpakketjes. Alles moet op, Celma en Robert gaan ook weer richting Nederland. Het is gelukkig weer droog en de wind is gaan liggen. Hoewel we weer over tolwegen rijden is het rond Rouen nog niet zover, daar moet je doorheen. TomTom wordt er bijkans pas bien van. In België zien we hele stukken land onder water, en dat in het westen waar het nogal meevalt. Dan, na 5500 km, terug in Nederland. Het is weer prettig druk op de wegen, zelfs op zondagmiddag. Dát hebben we gemist. Welkom thuis...

Ik heb een erg ongelukkige jeugd gehad...
mijn vader dronk en mijn moeder at.
Kamagurka: Het boeiende leven der sukkels ©1980

dinsdag 12 mei 2009

Gastvrij of gastrijk

Op 1 mei j.l. zijn mijn 'oude' schoolvriendin Celma en haar man Robert officieel begonnen met hun Chambre d'Hôtes 'Le Chaînon' in Saint-Agnan-de-Cernières. Omdat elke onderneming wel wat reclame kan gebruiken hadden ze mij gevraagd een recensie te schrijven over ons verblijf aldaar.

DE REIS | Voor dit verhaal reisden Carla en ik afgelopen vrijdag af voor een lang weekend naar Normandië. We wilden de tolwegen vermijden, dus instrueerden we TomTom dienovereenkomstig. Het voordeel is niet alleen financieel, maar de reis is ook veel leuker. Je rijdt hele stukken over provinciale wegen (van Arras tot halverwege Rouen) en gewone snelwegen (vanaf Rouen). Vervolgens rijd je dwars door Rouen. Normaal gesproken is dat geen probleem, ware het niet dat het precies de dag van Fête de la Victoire was, zodat er heel veel straten afgesloten waren. TomTom was in de tunnel de weg kwijt geraakt, zodat we een afslag misten toen we er net uitkwamen. Gelukkig hield Carla het hoofd koel en sloeg zij ons er doorheen. Na Rouen wordt het landschap alsmaar mooier, vooral de bloeiende koolzaadvelden zijn prachtig. Bijna te bestemder plekke zagen we Celma lopen om een brief te posten. We gaven haar, zo zijn we dan ook wel weer, een lift naar huis. Over de reis van 560 km hebben we, inclusief twee pauzes, zeven uur gedaan.

DE BOERDERIJ | Na het uitladen van de bagage kregen we meteen een rondleiding om de boerderij. Het staat op een flinke lap grond, waarop aan de voorkant een waterput en een boomgaard te vinden zijn. Aan de achterkant is een vijver gesitueerd, ontstaan door het uitgraven van de klei waarmee de boerderij honderden jaren geleden gebouwd is. Het stikt er van de kikkers, die te pas en te onpas een concert geven. Daarachter is weer een wei waarop Normandische (niet hun) koeien grazen.

Tien jaar geleden is Robert met het opknappen begonnen, een werk dat nog niet af is (en ook, tot zijn vreugde, nooit af zal zijn). De woonvertrekken zijn inmiddels wel klaar, alsook het voormalig atelier (werkplaats) waarin het feitelijke Chambre d'Hôte gevestigd is. Dit gebouwtje, dat tegen de voorgevel aangebouwd is, is werkelijk van alle gemakken voorzien: twee kamers met in totaal vier bedden, een zitje, werktafel, satelliet-TV (flatscreen), magnetron en een zeer ruime badkamer met douche en toilet. Alle ruimten zijn elektrisch te verwarmen. Hierna was het toch wel tijd om eens een wijntje op het terras te gaan drinken. Je bent tenslotte in Frankrijk. Het is tegen de verwachting in mooi weer en ongemerkt werd het etenstijd. Celma bereidde de maaltijd, iets wat normaal gesproken niet inbegrepen is als je hier logeert. Na het eten maakten we een wandeling in de omgeving. Zowel Robert als Celma zitten vol verhalen en anekdotes over de omgeving, de buren, de boerderij et cetera. Verveling staat dus niet op het menu, koffie wel. We zijn inmiddels doodop, dus we zijn lekker gaan slapen.

LISIEUX | De volgende ochtend ontbeten we in de eetkamer annex bibliotheek. Brood (zowel stok- als plaatselijk bruinbrood) wordt dagelijks bij de bakker in Montreuil gekocht. Vandaag ben ik jarig, dus de kamer is versierd en ik krijg felicitaties en een fles Calvados uit de streek. Omdat wij niet zomaar gasten zijn, gaan we de komende dagen samen leuke dingen doen. We gaan vandaag in Lisieux naar de zaterdagmarkt om verse ingrediënten voor mijn verjaardagsdinertje in te slaan. Ik maak de in mijn kleine kring bekende zalmpasta. Verder gaan we de (ik wist het niet) wereldberoemde Basilique de Sainte Thérèse de Lisieux bezoeken. We gaan met de Peus want ik moet nog even tanken in Bernay. De basiliek staat op een heuvel en daar kun je gratis parkeren. We gaan eerst naar de markt. Deze is op zich niet heel bijzonder, hoewel er wel typisch Franse kramen zijn, zoals die met ingemaakte ingewanden of die met levende kippen, eenden en konijnen. We kopen verse dille, lente-uitjes, zwarte olijven en citroenen. Er is nergens betaalbare gerookte zalm te vinden dus die kopen we later, tegelijk met de tagliatelle, bij de Lidl in Broglie. Na de markt dronken we een kopjen kofjen op een terrasje.

Daarna klommen we terug richting basiliek, waar we op een bankje het meegebrachte lunchpakket verorberden. De basiliek is opgericht ter ere van de Heilige Thérèse en dateert uit 1956. Met de bouw waren tientallen jaren gemoeid en dat is te zien. Ik zeg het niet snel, maar het is een indrukwekkend gebouw. Binnen is het eigenlijk één groot mozaïek. Natuurlijk hebben we ook een kaarsje gebrand voor de groeiende rij ons ontvallenen. Om de cultus van Thérèse is een enorm commercieel circus ontstaan, wat ons toch een beetje tegenstaat. Je kunt het zo gek niet bedenken of er is wel iets te koop waar een Thérèsedraai aan is gegeven. We zijn moe en we rijden langs het riviertje de Charentonne naar huis, waar we op het terras nog een glaasje pakken. Daarna maak ik het eten, waarbij ik voor het eerst sinds jaren weer eens op flessengas moet koken. De maaltijd wordt door een ieder gewaardeerd. Om de spieren los te maken krijgen we nog een rondleiding door de verschillende vertrekken inclusief zolder(s). Die is (zijn) duidelijk nog niet af. Een leuk contrast is een honderden jaren oude balk waarop een draadloze lichtschakelaar is bevestigd. Nog een bakkie bij de houtkachel en daarna toch nog redelijk vroeg naar bed. Het is mooi geweest voor vandaag.

CÔTE FLEURIE | Vandaag is het weer nog mooier, dus het geplande bezoekje aan de kust kan bijna niet mislukken. We rijden naar Honfleur, een mondaine kustplaats onder de rook van le Havre. Vlak voor we arriveren picknicken we, met uitzicht over een vallei met koeienweiden en bossen. Voor de grap plannen we alvast ons nieuwe huis op een iets lager gelegen plateau. Honfleur is druk en warm. Er zijn pittoreske straatjes met alleraardigste winkeltjes en galeries. In de verte kun je een stukje van de Pont de Normandie zien. We spoeden ons naar de tweelingstad Deauville-Trouville. Dit stukje staat bekend als de Côte Fleurie.

In Trouville parkeren we langs de haven waar, op een andere dag, de markt staat. Dat kun je ruiken. Het is eb en de haven stroomt enorm snel leeg. Een eend neemt het ervan en zwemt echt supersnel richting zee. We lopen op weg naar het strand langs de afgebrande vismarkt dat momenteel gerestaureerd wordt. Op het strand is het goed uit te houden en ook best druk. Via winkelstraatjes lopen we weer terug naar de auto, voor een ritje door het supermondaine Deauville. Vooral het Hotel Normandy Barrière trekt de aandacht. Weer thuis werden we gegijzeld op het terras met... wijn! Daarna hielp ik Celma met het eten. Bij de koffie schonk Robert eau de vie, een destillaat van cider die de boer (lees: Robert) laat stoken volgens eeuwenoud gebruik en recept. Om van de appels uit de boomgaard af te komen komt het er op neer, dat deze door inhuurkrachten worden geraapt, geperst en tot cider verwerkt. De boer krijgt in ruil daarvoor een krat cider en een fles eau de vie, ook wel Calvados of Calva genoemd. De houtkachel brandt en de oogjes gaan langzaam dicht. Morgen is het weer vroeg dag, dus we maakten het weer niet te laat.

AAN ALLES KOMT EEN EIND | Gisteren zei Celma dat Carla zo'n lekker kleurtje had gekregen. Wij geen erg, maar vanmorgen vroeg Carla wat er eigenlijk op dat tubetje stond dat ze sinds zaterdag gebruikte (ze is kippig). Ja hoor: zelfbruinende crême gebruikt! Om 10.00 uur vertrokken we richting Nederland. Het was nu wel druk op de weg (geen feestdag), maar er zijn geen gekke dingen gebeurd. We waren om 17.00 uur thuis.

VOOR HERHALING VATBAAR? | Ik hoor het je vragen. Zeker weten! Celma en Robert zijn zeer gastvrije en flexibele gastmensen (m/v), en niet alleen omdat wij bekenden zijn. De prijs-kwaliteitsverhouding is gewoon hoog en de omgeving zeer de moeite waard. Als wij een volgende keer gaan zijn we natuurlijk gewone gasten en moeten we onszelf vermaken. Dat gaat zeker lukken. Er zijn in de omgeving legio mogelijkheden om te gaan wandelen of uitstapjes met de auto te gaan maken. Parijs ligt bijvoorbeeld op slechts een dik uur afstand rijden.

Van harte aanbevolen!