Posts tonen met het label Saint-Agnan-de-Cernières. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Saint-Agnan-de-Cernières. Alle posts tonen

maandag 20 oktober 2014

Zonnig Normandië

's Morgens vroeg rondom de boerderij
Honfleur en Trouville
Wandelen in de omgeving

donderdag 25 juli 2013

Déjà vu

Na een mislukte poging om afgelopen winter bij Celma en Robert hun nieuwe appartement in Rotterdam te bekijken (Carla had kiespijn en daarna kwam het er niet van), zijn we vorige week maar weer afgereisd naar hun Chambres d'hôtes in Saint-Agnan-de-Cernières, Normandië. Ook leuk. Op de heenweg zouden we de verlaten boerderij van 'Boerin in Frankrijk' nog even uitchecken, op de terugweg de supermarkt Auchan in Roncq. Het liep anders.

De heenweg was niet zonder incidenten. Celma had ons al gewaarschuwd voor oponthoud in Rouen, sowieso een obstakel van formaat. De Pont Mathilde is gesloten en de borden dirigeren je dan helemaal om Rouen heen in noordwestelijke richting, een deviation die letterlijk een omweg is. Zij stuurde ons per e-mail een gedetailleerde, betere route. Dat was dus niet het probleem. Dat kwam veel eerder, net voor Abbeville, waar de D928 ter hoogte van Froyelles met borden was afgezet maar zonder enige aanwijzing hoe dan wèl te rijden. Wij dachten met onze intelligente navigatie dat varkentje wel even te wassen, maar elke route die we probeerden  leidde weer naar die vermaledijde D928, tot we ver genoeg afweken zodat we uiteindelijk via St. Riquier in Abbeville verzeild raakten. We hadden zoveel tijd verspild dat we het bezoek aan onze boerin maar uitstelden tot de terugreis.


Enigszins bedremmeld kwamen wij dus aan maar we werden meteen getrakteerd op een barbecue, kundig aangestoken door Robert, die wel iets met vuur heeft. De maaltijd werd verluchtigd met de geluiden die een naboer (naburige boer) maakte tijdens het aan- en afrijden met de zojuist geoogste hooibalen die daarna omstandig met een vorkheftruck in de schuur werden gebracht. Het heerlijke weer, de wijn en het meer dan prettige gezelschap maakte veel goed. Voor het donker werd ben ik nog even de buurt gaan verkennen om wat foto's te maken. We maakten plannen voor de komende dagen: vrijdag naar de kust en zaterdag een boswandeling in de buurt.

's Anderendaags, net voor het ontbijt, maakte ik nog wat meer foto's in het mooie ochtendlicht. Na het heerlijke ontbijt was er nog wat brood over en dat namen we mee als lunchpakket. We reden door het prachtige Normandische landschap, via Caen, naar les Plages du Débarquement, oftewel de Landingsstranden. We waren in 2001 al eens met de meiden in Grandcamp-Maisy geweest, maar reden nu naar Colleville-sur-Mer ter hoogte van Omaha Beach, waar de Normandy American Cemetery and Memorial is gesitueerd. We bezochten het paviljoen, het strand en tenslotte de begraafplaats. Om maar eens en cliché te hanteren: indrukwekkend! We vervolgden onze weg naar Arromanches-les-Bains, gelegen aan het Gold Beach. Hier liggen nog tientallen pontons, zowel in zee als op het strand, die aldus gevormd tot 'Mulberry' haven gebruikt werden tijdens de Landing op D-Day. Na al dit oorlogsgeweld reden we via Falaise terug naar ons vakantiestulpje. Het is al twee dagen prachtig weer en het blijft voorlopig zo.


Zaterdagochtend maakten we de boswandeling in de buurt. Het is een landschap zoals wij dat graag zien: akkers, velden, bos, af en toe een boerderij en vooral geen andere wandelaars. Het belooft erg warm te worden dus we vertrekken vroeg (11.00 uur...). Celma en Robert gaan mee als gids en vertellen honderduit over de omgeving. We wijken zelfs nog af van het pad om een verlaten houtzagerij te bekijken. Er huist een bijenvolk, dus we komen niet te dichtbij. Het wordt wel erg warm en zijn blij als we weer in de bewoonde wereld zijn en heerlijk in de schaduw kunnen lezen en luieren. 's Avonds eten we heerlijke moules frites, eigenhandig gekookt door Celma, die ons al dagen verwend met hapjes en drankjes. Redelijk uitgeblust kruipen we, als het donker is, in onze mandjes.


Zondagochtend is het alweer tijd om naar huis te gaan. De terugtocht verloopt redelijk voorspoedig en we komen na twee uur rijden in Inval-Boiron aan, waar de verlaten boerderij van Wil den Hollander staat. Er is niet veel veranderd, het gras staat wat hoger en je kunt niet overal goed naar binnen kijken. Met de nieuwe camera toch maar weer wat foto's gemaakt. Binnen, in één van de schuurtjes, staat een blikje Deja Rubbing-Compound Super, dat drie jaar geleden op exact dezelfde plaats stond. De tijd staat hier stil. We eten in de bloedhitte ons lunchpakketje en vertrekken voor de laatste etappe naar Roncq, om boodschappen te doen bij Auchan, één van de vele gigantische supermarkten die Frankrijk rijk is maar die, tot onze verbazing, op zondag gesloten is. Merde!

zondag 25 september 2011

Boerin in Frankrijk

Wil den Hollander-Bronder
Mijn moeder, Neeltje Herlaar, is in 1917 in Brielle geboren. Zij bezocht daar de lagere school (de 'klompenschool' voor zover ik weet). Thuis hadden wij wat boeken staan, het merendeel streekromans. Leergierig ventje dat ik was, ik las ze bijna allemaal. Zo ook de omnibus 'Boerin in Frankrijk' van de schrijfster Wil den Hollander-Bronder. Later, als puber, las ik het nogmaals en toen vertelde mijn moeder dat zij met de schrijfster, Wil Bronder, op school had gezeten, misschien zelfs wel in dezelfde klas, hoewel ze bijna twee jaar scheelden. Volgens mijn moeder woonde Wil in de polder Zuurland nabij Brielle, destijds kennelijk onderdeel van Oostvoorne.

Wil is later getrouwd met Gerrit den Hollander(!) en zij zijn in 1947 naar Frankrijk geëmigreerd, waar ze uiteindelijk in het gehucht Inval-Boiron in het departement Somme een boerderij konden pachten. De vier boeken die de omnibus* vormen verhalen over het wel en vooral wee aldaar. Wil is in 2000 overleden en woonde tot op die dag op die boerderij. Haar man Gerrit sneefde, inmiddels dement, in 2002. Lekker belangrijk zul je misschien denken, maar door de hernieuwde kennismaking met mijn oude schoolvriendin Celma ben ik meer dan normaal geïnteresseerd geraakt in deze vrouw en haar nalatenschap. Celma heeft namelijk een Chambres d'Hôtes in Saint-Agnan-de-Cernières, Normandië. Dat ligt niet zo gek ver van Inval-Boiron. Wij hadden onze vakantie dit jaar bij Celma af willen sluiten, maar dat ging qua planning niet door.

Nu had ik al eens over dit onderwerp gegoogled en ontdekte dat in het gehucht Le Mazis een Chambre d'Hôtes 'Onder de Linden' was, die wordt uitgebaat door een zekere Aart Onder de Linden en zijn vrouw Dorette. Zo las ik dat hij, naar Frankrijk geëmigreerd in 1946, vanaf 1952 als knecht op de boerderij van Den Hollander heeft gewerkt. Sterker nog, hij figureert als Kees in een aantal hoofdstukken! Dorette is dan weer de dochter van de vorige bewoners van die boerderij en heet in het boek aanvankelijk Blanche en later Odile. Haar ouders verhuisden toen naar een landhuis in Le Mazis. In 1972 werd dit door hen omgetoverd tot een Chambres d'Hôtes en werd in 1992 door Aart en Dorette overgenomen.

Zaterdag 24 september 2011 zijn we dan op bedevaart gegaan naar de oude boerderij. 's Ochtends bij het ontbijt ontmoetten we Aart, die bij mijn oom Wim in de klas blijkt te hebben gezeten begin jaren '30. Hij kende een flink aantal van mijn ooms en tantes en mijn opa Eliza, die stratenmaker was en waar mijn vader bij werkte. Aart is in Vierpolders geboren en staat, nu ruim 80 jaar, nog midden in het leven. Nooit gestopt met werken en vol plannen voor de verbouwing van de kamertjes op de tweede verdieping. Met de instructies van Aart gaan we op stap. De afstand tussen Le Mazis en Inval-Boiron is slechts ruim een kilometer. We lopen langs weiden waar de karakteristieke witte koeien grazen. 'Bij de kerk rechtsaf en dan over het bruggetje'. Aan de linkerkant van de Rue du Moulin zien we het boerderijtje staan.

Het verbaast mij dat het pal aan de weg ligt, door de beschrijvingen in het boek (mede geholpen door de omslagillustratie) leek het verloren in de ruimte te staan. Het is ook veel kleiner dan ik me voorstelde en inmiddels onvoorstelbaar oud en vervallen. Dat hier tot ruim tien jaar geleden nog iemand gewoond heeft! We lopen om de boerderij heen. Aan de achterkant was een watermolen, die een aantal machines aandreef. We moeten door een kapot hek kruipen om er zicht op te krijgen. De rivier Le Liger is in deze tijd van het jaar slechts een smal stroompje. Het omliggende terrein is totaal overwoekerd. De boerderij wordt misbruikt als opslagplaats van de naburige boer, die ons gelukkig met rust laat en niet wegjaagt zoals Aart vreesde.

Het exterieur van de boerderij
Het interieur...
We gaan ook naar binnen in wat schuren en stallen moeten zijn geweest. Het woongedeelte is afgesloten maar ik kan wel foto's door de ramen maken. Het ziet er allemaal vervallen en deprimerend uit. Kleine hokjes en kamertjes, overal rommel, stof en spinnenwebben. Mooi en ontroerend zijn de details: porseleinen schakelaars, aandrijfstangen, -riemen en -wielen, achtergelaten gebruiksvoorwerpen. We verkenden ook nog even de omgeving en ontliepen ternauwernood de 'bemoeizuchtige' overbuurvrouw. Het is welletjes geweest en schoorvoetend aanvaardden we de terugtocht. We werden ingehaald door de boer die zijn koeien ging verweiden. Het leven gaat hier, ondanks alles, gewoon door...


De omgeving en haar stralende middelpunt...
*Land van zon en wijn (1964), Volwassen mensen huilen niet (1964), En de boer, hij ploegde voort (1965) en Mijn vallei in Frankrijk (1966).

zondag 14 november 2010

Iets gemist?

Ontdekkingsreizigers.
De laatste dag van deze ietwat vreemde vakantie. Je dochter gaat samenwonen met haar vriend in Portugal. Eindelijk een excuus om eens een flink eind te gaan rijden, door België, Frankrijk en Spanje. Spullen mee, bagage en een jerrycan benzine. Op de heenreis maakten we twee stops, in Poitiers en Valladolid. Vervolgens bleven we een doordeweek in Póvoa de Santa Iria, een voorstad van Lissabon, waar we kennis gemaakt hebben met Laura's vrienden en Bruno's ouders. Toen naar Toledo, doe eens gek, we zijn er nu toch. Daar hebben we ons éénendertigjarig huwelijksjubileum gevierd en het 'échte' Toledo's pad gelopen. Dan, in  vier etappes terug. Met een verblijf in Millau van twee dagen en een bezoek aan het Viaduc aldaar en nog eens twee dagen in Saint-Agnan-de-Cernières, bij Celma en Robert.

De (Peugeot) Leeuw van België:
Luctor et emergo
Vanmorgen zijn we tamelijk vroeg opgestaan, we willen rond 10.00 uur vertrekken, wat lukt. Het ontbijt is weer fabuleux en we maken nu legaal lunchpakketjes. Alles moet op, Celma en Robert gaan ook weer richting Nederland. Het is gelukkig weer droog en de wind is gaan liggen. Hoewel we weer over tolwegen rijden is het rond Rouen nog niet zover, daar moet je doorheen. TomTom wordt er bijkans pas bien van. In België zien we hele stukken land onder water, en dat in het westen waar het nogal meevalt. Dan, na 5500 km, terug in Nederland. Het is weer prettig druk op de wegen, zelfs op zondagmiddag. Dát hebben we gemist. Welkom thuis...

Ik heb een erg ongelukkige jeugd gehad...
mijn vader dronk en mijn moeder at.
Kamagurka: Het boeiende leven der sukkels ©1980

zaterdag 13 november 2010

Worst case scenario

Vannacht lag ik nog even te luisteren en dacht stemmen te horen, van een radio of tv. Om een uur of vijf was ik even wakker en hoorde het nog steeds! Na de oren nog eens goed gespitst te hebben bleek het murmelend regenwater in de regenpijp te zijn. Dit soort geluiden hoor je in de grote stad niet meer. Het ontbijt was weer super, Robert haalde vers brood bij het dichtstbijzijnde bakkertje.

De geplande boswandeling gaat niet door. Het waait hard en het regent nog steeds. Bovendien lopen er boze jagers rond met geladen buksen. Een redelijk alternatief is de Salon Antiquités Collections in Lisieux, een stadje waar we vorig jaar ook al eens waren.  Misschien kunnen we iets leuks scoren voor de logeerkamer die we, zoals we vanmorgen hebben besloten, opnieuw gaan inrichten. Deze antiek- en brocantemarkt is gelukkig overdekt, dus dat valt weer mee. Wat beslist niet meevalt, zijn de prijzen die hier gehanteerd worden. Ik zag zegge en schrijve één mooie, industriële (werk-)lamp uit 1920, van staal en massief aluminium voor 480€. Dan heeft zelfs afdingen geen zin! We zagen ook allerlei kleurrijke figuren, verkopers vooral, in diverse stadia van dronkenschap en/of excentriciteit.

Na een paar uurtjes keerden we onverrichter zake (hoewel Celma een broche kocht) terug naar de woonstede, waar ik het roosteren van een in Toledo gekochte chorizo, zoals ik van Filipe had geleerd, ter hand nam. Deze hadden we onze gastvrouw en -heer cadeau gedaan, bij wijze van eetbaar souvenir. Dit buiten doen was vanwege de regen geen optie, dus op het aanrecht dan maar. De eerste helft deed ik, maar Robert stond er op de tweede te doen, aldus geschiedde. Na dit ritueel werd de worst, vergezeld van de nodige glazen wijn, kaasjes en stokbrood, verorberd. Niet lang daarna bereidde Celma weer een heerlijk plat du jour. Gezelligheid kent geen tijd, dus we rolden iets later dan we wilden weer in ons bedje.




vrijdag 12 november 2010

In de wolken

We waren eigenlijk van plan in Millau te gaan eten, maar alles was dicht. Geen nood, het grillrestaurant van ons hotel bood uitkomst. Carla nam paella en ik ribeye steak met roquefortsaus, weer vergezeld van een fles Peysir. Dat is toch wel een heel lekker wijntje. Het restant namen we weer mee naar de kamer. Daarna vroeg het mandje in omdat we er weer vroeg uit moesten voor de rit naar Normandië.
 
We wilden over de brug rijden, dus moesten we terug naar afslag La Cavalerie om daar de A75 naar het noorden te nemen.  Het was regenachtig, wat in dit bergachtige gebied betekent dat je in de wolken rijdt. Af en toe moest het mistlampje aan. Ook de brug was er in gehuld, wat wel een bijzonder aanzien geeft. Aan de noordzijde is een Aire aangelegd, speciaal om vanaf deze kant een blik op de brug te kunnen werpen. Het ligt op gelijke hoogte, dus je kunt weer vanuit een ander perspectief foto’s maken.  Het levert wat mij betreft de mooiste plaatjes op. 
 
 



Rijdend over die gigantische brug kreeg ik hetzelfde gevoel als het
Gezelschap van de Ring toen zij de Pillars of the Kings naderden: ontzag!


Daarna reden we bijna 800 km naar Chambre d'Hôtes le Chaînon van Celma en Robert in Normandië, langs steden als Clermont-Ferrand, Bourges, Tours en Le Mans. Onderweg regent het zacht of helemaal niet en we kunnen behoorlijk opschieten. We rijden, zoals eigenlijk de hele tijd, louter over tolwegen. Je hebt dan bijna geen verkeer en je kunt lekker opschieten. Net voor donker reden we Saint-Agnan-de-Cernières binnen na een rit van in totaal ruim acht uur. Celma en Robert verwachtten ons nog niet zo vroeg omdat ze niet wisten dat we via tolwegen kwamen. We werden allerhartelijkst onthaald met knabbels en wijn en daarna een heerlijk, overvloedig plat du jour. Na de koffie kakten we een beetje in en toen zijn we onze chambre maar gaan opzoeken. Omdat we hier geen internet hebben stuurden we de thuisfronten een sms’je (veel te laat) en gingen we, terwijl het buiten stormt en regent, slapen.


donderdag 17 juni 2010

Maaiveld

Banale zaken kunnen je danig in beslag nemen. Neem Celma en Robert, met hun boerderij in Normandië. Daar groeit het gras de pan uit en daar moest nodig iets aan gedaan worden. Tijdens mijn laatste bezoekje liet ik mij ontvallen dat ik best mee wilde helpen, welk aanbod in dank werd aanvaard. Zo geviel het dat Robert en ik afgelopen zondag om 08.00 uur op weg waren naar Saint-Agnan-de Cernières. Halverwege, in de stad Arras, pikten we een terrasje.

Eind van de middag waren we ter plaatse. Achter de boerderij werd al gehooid, door drie tractoren tegelijk. Het weer was goed, zonnig en droog. De vorig jaar uitgegraven vijver barst van de kikkers en we zagen zelfs een slang! 's Avonds ontstak Robert nog een vreugdevuur en na de koffie met Calvados gingen we ter bedde, ik in de TV-kamer. De kikkers hielden me wakker.

  's-Anderendaags was het druilerig en van grasmaaien zou niets komen zo dachten we. Geen nood, er was verder genoeg te doen. De grasmaaier prepareren, stenen en puin langs de vijver leggen et cetera. 's Middags speelde Nederland tegen Denemarken, wat ik per se wilde zien. Robert had wel wat anders te doen, afval wegbrengen naar de déchetterie (milieustraat) en boodschappen doen voor het avondeten en de volgende dagen. Bij de bakker in Montreuil-l'Argillé haalde Robert dagelijks un pain et un bûcheron (stok- en rond bruin brood).

Na de wedstrijd was ons gras dermate droog dat ik de Honda kon bestijgen en, na wat aanloopprobleempjes, het gras kon maaien. Intussen deed Robert de moeilijke stukjes, inclusief hele braamstruiken, met een kleine maaier. Na de (helaas verplichte) wijn en knabbels op het terras en avondeten hebben we tot diep in de nacht gepraat, waarbij opviel dat we toch wel totaal verschillende persoonlijkheden zijn, zonder dat dit overigens tot enige wrijving leidt.

Dinsdagochtend heeft Robert me Bernay laten zien, een rustig provinciestadje in de buurt. Via een toeristische route zijn we weer teruggereden. 's Middags heb ik het hele grasveld opnieuw gemaaid, nu met de messen een stuk lager zodat er nog een flink stuk afkwam. Het resultaat: biljartlakentje!


Raymond Keulemans: eat your heart out!
Daarna zijn we het weiland achter de boerderij ingegaan, waar normaal koeien lopen maar nu even niet. Achterin is een mare* waar zich gevogelte en gedierte ophoudt. Het konijntje op de foto is dood, maar zat daar alsof het elk moment kon wegrennen. Weer terug op het terras begluurden we de buurvrouw die heur haag te lijf ging met een door benzine aangedreven heggenschaar, groter en zwaarder dan zijzelf. Na de maaltijd gingen we niet al te laat slapen, morgen gaan we redelijk vroeg weer naar huis.

*Van Dale: ketelvormige inzakking in niet-vulkanisch gesteente, gewoonlijk een meer.


dinsdag 12 mei 2009

Gastvrij of gastrijk

Op 1 mei j.l. zijn mijn 'oude' schoolvriendin Celma en haar man Robert officieel begonnen met hun Chambre d'Hôtes 'Le Chaînon' in Saint-Agnan-de-Cernières. Omdat elke onderneming wel wat reclame kan gebruiken hadden ze mij gevraagd een recensie te schrijven over ons verblijf aldaar.

DE REIS | Voor dit verhaal reisden Carla en ik afgelopen vrijdag af voor een lang weekend naar Normandië. We wilden de tolwegen vermijden, dus instrueerden we TomTom dienovereenkomstig. Het voordeel is niet alleen financieel, maar de reis is ook veel leuker. Je rijdt hele stukken over provinciale wegen (van Arras tot halverwege Rouen) en gewone snelwegen (vanaf Rouen). Vervolgens rijd je dwars door Rouen. Normaal gesproken is dat geen probleem, ware het niet dat het precies de dag van Fête de la Victoire was, zodat er heel veel straten afgesloten waren. TomTom was in de tunnel de weg kwijt geraakt, zodat we een afslag misten toen we er net uitkwamen. Gelukkig hield Carla het hoofd koel en sloeg zij ons er doorheen. Na Rouen wordt het landschap alsmaar mooier, vooral de bloeiende koolzaadvelden zijn prachtig. Bijna te bestemder plekke zagen we Celma lopen om een brief te posten. We gaven haar, zo zijn we dan ook wel weer, een lift naar huis. Over de reis van 560 km hebben we, inclusief twee pauzes, zeven uur gedaan.

DE BOERDERIJ | Na het uitladen van de bagage kregen we meteen een rondleiding om de boerderij. Het staat op een flinke lap grond, waarop aan de voorkant een waterput en een boomgaard te vinden zijn. Aan de achterkant is een vijver gesitueerd, ontstaan door het uitgraven van de klei waarmee de boerderij honderden jaren geleden gebouwd is. Het stikt er van de kikkers, die te pas en te onpas een concert geven. Daarachter is weer een wei waarop Normandische (niet hun) koeien grazen.

Tien jaar geleden is Robert met het opknappen begonnen, een werk dat nog niet af is (en ook, tot zijn vreugde, nooit af zal zijn). De woonvertrekken zijn inmiddels wel klaar, alsook het voormalig atelier (werkplaats) waarin het feitelijke Chambre d'Hôte gevestigd is. Dit gebouwtje, dat tegen de voorgevel aangebouwd is, is werkelijk van alle gemakken voorzien: twee kamers met in totaal vier bedden, een zitje, werktafel, satelliet-TV (flatscreen), magnetron en een zeer ruime badkamer met douche en toilet. Alle ruimten zijn elektrisch te verwarmen. Hierna was het toch wel tijd om eens een wijntje op het terras te gaan drinken. Je bent tenslotte in Frankrijk. Het is tegen de verwachting in mooi weer en ongemerkt werd het etenstijd. Celma bereidde de maaltijd, iets wat normaal gesproken niet inbegrepen is als je hier logeert. Na het eten maakten we een wandeling in de omgeving. Zowel Robert als Celma zitten vol verhalen en anekdotes over de omgeving, de buren, de boerderij et cetera. Verveling staat dus niet op het menu, koffie wel. We zijn inmiddels doodop, dus we zijn lekker gaan slapen.

LISIEUX | De volgende ochtend ontbeten we in de eetkamer annex bibliotheek. Brood (zowel stok- als plaatselijk bruinbrood) wordt dagelijks bij de bakker in Montreuil gekocht. Vandaag ben ik jarig, dus de kamer is versierd en ik krijg felicitaties en een fles Calvados uit de streek. Omdat wij niet zomaar gasten zijn, gaan we de komende dagen samen leuke dingen doen. We gaan vandaag in Lisieux naar de zaterdagmarkt om verse ingrediënten voor mijn verjaardagsdinertje in te slaan. Ik maak de in mijn kleine kring bekende zalmpasta. Verder gaan we de (ik wist het niet) wereldberoemde Basilique de Sainte Thérèse de Lisieux bezoeken. We gaan met de Peus want ik moet nog even tanken in Bernay. De basiliek staat op een heuvel en daar kun je gratis parkeren. We gaan eerst naar de markt. Deze is op zich niet heel bijzonder, hoewel er wel typisch Franse kramen zijn, zoals die met ingemaakte ingewanden of die met levende kippen, eenden en konijnen. We kopen verse dille, lente-uitjes, zwarte olijven en citroenen. Er is nergens betaalbare gerookte zalm te vinden dus die kopen we later, tegelijk met de tagliatelle, bij de Lidl in Broglie. Na de markt dronken we een kopjen kofjen op een terrasje.

Daarna klommen we terug richting basiliek, waar we op een bankje het meegebrachte lunchpakket verorberden. De basiliek is opgericht ter ere van de Heilige Thérèse en dateert uit 1956. Met de bouw waren tientallen jaren gemoeid en dat is te zien. Ik zeg het niet snel, maar het is een indrukwekkend gebouw. Binnen is het eigenlijk één groot mozaïek. Natuurlijk hebben we ook een kaarsje gebrand voor de groeiende rij ons ontvallenen. Om de cultus van Thérèse is een enorm commercieel circus ontstaan, wat ons toch een beetje tegenstaat. Je kunt het zo gek niet bedenken of er is wel iets te koop waar een Thérèsedraai aan is gegeven. We zijn moe en we rijden langs het riviertje de Charentonne naar huis, waar we op het terras nog een glaasje pakken. Daarna maak ik het eten, waarbij ik voor het eerst sinds jaren weer eens op flessengas moet koken. De maaltijd wordt door een ieder gewaardeerd. Om de spieren los te maken krijgen we nog een rondleiding door de verschillende vertrekken inclusief zolder(s). Die is (zijn) duidelijk nog niet af. Een leuk contrast is een honderden jaren oude balk waarop een draadloze lichtschakelaar is bevestigd. Nog een bakkie bij de houtkachel en daarna toch nog redelijk vroeg naar bed. Het is mooi geweest voor vandaag.

CÔTE FLEURIE | Vandaag is het weer nog mooier, dus het geplande bezoekje aan de kust kan bijna niet mislukken. We rijden naar Honfleur, een mondaine kustplaats onder de rook van le Havre. Vlak voor we arriveren picknicken we, met uitzicht over een vallei met koeienweiden en bossen. Voor de grap plannen we alvast ons nieuwe huis op een iets lager gelegen plateau. Honfleur is druk en warm. Er zijn pittoreske straatjes met alleraardigste winkeltjes en galeries. In de verte kun je een stukje van de Pont de Normandie zien. We spoeden ons naar de tweelingstad Deauville-Trouville. Dit stukje staat bekend als de Côte Fleurie.

In Trouville parkeren we langs de haven waar, op een andere dag, de markt staat. Dat kun je ruiken. Het is eb en de haven stroomt enorm snel leeg. Een eend neemt het ervan en zwemt echt supersnel richting zee. We lopen op weg naar het strand langs de afgebrande vismarkt dat momenteel gerestaureerd wordt. Op het strand is het goed uit te houden en ook best druk. Via winkelstraatjes lopen we weer terug naar de auto, voor een ritje door het supermondaine Deauville. Vooral het Hotel Normandy Barrière trekt de aandacht. Weer thuis werden we gegijzeld op het terras met... wijn! Daarna hielp ik Celma met het eten. Bij de koffie schonk Robert eau de vie, een destillaat van cider die de boer (lees: Robert) laat stoken volgens eeuwenoud gebruik en recept. Om van de appels uit de boomgaard af te komen komt het er op neer, dat deze door inhuurkrachten worden geraapt, geperst en tot cider verwerkt. De boer krijgt in ruil daarvoor een krat cider en een fles eau de vie, ook wel Calvados of Calva genoemd. De houtkachel brandt en de oogjes gaan langzaam dicht. Morgen is het weer vroeg dag, dus we maakten het weer niet te laat.

AAN ALLES KOMT EEN EIND | Gisteren zei Celma dat Carla zo'n lekker kleurtje had gekregen. Wij geen erg, maar vanmorgen vroeg Carla wat er eigenlijk op dat tubetje stond dat ze sinds zaterdag gebruikte (ze is kippig). Ja hoor: zelfbruinende crême gebruikt! Om 10.00 uur vertrokken we richting Nederland. Het was nu wel druk op de weg (geen feestdag), maar er zijn geen gekke dingen gebeurd. We waren om 17.00 uur thuis.

VOOR HERHALING VATBAAR? | Ik hoor het je vragen. Zeker weten! Celma en Robert zijn zeer gastvrije en flexibele gastmensen (m/v), en niet alleen omdat wij bekenden zijn. De prijs-kwaliteitsverhouding is gewoon hoog en de omgeving zeer de moeite waard. Als wij een volgende keer gaan zijn we natuurlijk gewone gasten en moeten we onszelf vermaken. Dat gaat zeker lukken. Er zijn in de omgeving legio mogelijkheden om te gaan wandelen of uitstapjes met de auto te gaan maken. Parijs ligt bijvoorbeeld op slechts een dik uur afstand rijden.

Van harte aanbevolen!

dinsdag 10 maart 2009

Kettingreactie

5e klas 1968: Celma middenrij
links, ik rechtsboven. 
Celma ken ik al sinds de (lagere) Ichthusschool in Rugge (Brielle). Tijdens de Blaise Pascal-reünie ontmoetten we elkaar weer sinds 15 jaar. Het klikte meteen. Later maakte ik ook weer kennis met haar man Robert, die ik nog langer niet gezien had. Tien jaar geleden hebben die twee een oude boerderij in Saint-Agnan-de-Cernières, Normandië gekocht en zij gaan dit jaar, na tien jaar ploeteren, daar permanent wonen. De boerderij hebben zij in die tijd getransformeerd tot een Chambres d'Hôtes en die 'le Chaînon' genoemd, wat 'Schakel' betekent, hun achternaam. Celma stelde voor een bericht op dit weblog te schrijven over ons verblijf aldaar in mei a.s..
 
Dat verhaal houd je nog tegoed, we gaan het tweede weekend van mei. Ik ben van de weeromstuit meteen in de omnibus 'Boerin in Frankrijk' begonnen, geschreven door Wil den Hollander-Bronder. Zij was ooit school- of klasgenote van mijn moeder in Brielle. Dat moet in de jaren 20 van de vorige eeuw zijn geweest. Ik lees het alweer voor de derde keer.

Of het de leeftijd is weet ik niet, maar afgelopen jaar heb ik de hele 'American Recordings'-reeks (vijf in totaal) van Johnny Cash aangeschaft. De laatste aanwinst was 'Unchained' (Ontketend/ ontschakeld), het boekje is verluchtigd met prachtige foto's van vervallen schuren en dergelijke. Zeer toepasselijk allemaal gezien het voorgaande. Vooral het nummer 'Rusty cage' [YouTube], geschreven door Chris Cornell van Soundgarden, maakte indruk op me en dan met name de regels

But I'm gonna break
I'm gonna break my
Gonna break my rusty cage and run

Celma en Robert durven het, nu ik nog.