Posts tonen met het label België. Alle posts tonen
Posts tonen met het label België. Alle posts tonen

vrijdag 4 november 2022

Le Point De Vue

Getriggerd door de reeks "Dwars door België" schoot het mij te binnen dat wij jaren geleden, twee jaar achter elkaar, een lang weekend in de Belgische Ardennen verbleven. We schrijven de jaren 2003 en 2004. We hadden het eerste jaar een lang weekend geboekt in Chiny, hotel Le Point De Vue. Het werd uitgebaat door een Amsterdamse dame, haar naam is me ontschoten.

Het hotel zelf was gesitueerd op een heuvel, met uitzicht over de rivier de Semois. Het was een vrolijke boel daar, een beetje Villa Kakelbont meets hippiecommune, erg vrij en blij en super rielekst. We arriveerden op een vrijdag en vertrokken de volgende zondag. Ik had voor de gelegenheid een camera geleend van mijn werk, de Canon PowerShot S50, een voor die tijd knap digitaal cameraatje, om te kijken of die geschikt was voor de Marketing- en Communicatieafdeling waar ik toen werkzaam was.

30 mei 2003 | Na aankomst de buurt verkend. De Semois loopt vlak langs het hotel en je hebt er een mooi uitzicht op. Het is er erg groen (het zijn tenslotte de Ardennen). Er is een sluis, een oude stenen brug, de Pont Saint-Nicolas en tal van kleine stroomversnellingen. Even onthaasten voor het avondeten en daarna chillen en kletsen met de andere gasten. 

31 mei 2003 | De zaterdag reserveerden we voor een uitgebreide wandeling in Bois de Conques. Het startpunt is net onder Herbeumont, Prieuré de Conques. Hoogtepunt was een verlaten spoorlijn met bijbehorende tunnel. Na deze wandeling deden we ook nog even de rand van Bouillon aan.

Des middags op het terras kregen we bezoek van een hert, die schijnt daar wel vaker te komen. Het bleek dat een andere gast net zoals wij oorspronkelijk uit Hellevoetsluis kwam en zelfs mijn zus heeft gekend! Na het diner hebben we flink bijgepraat over toen.

 

De volgende ochtend was het erg mooi weer en hebben we nog een uitgebreide wandeling in de buurt gemaakt alvorens we op huis aanreden.

30 april 2004 | Bijna een jaar later waren we er weer, nu met de gloednieuwe Peus. Door een misverstand in de reservering moesten we op zolder  logeren, in een minder dan comfortabel kamertje. Het had toch wel zijn charme, aangezien het eten gratis was als tegenprestatie.

1 mei 2004 | Le promenade d'année was die naar Le Tombeau Du Chevalier, oftewel het Graf van de Ridder. Parkeren nu in het stadje Herbeumont. Dit is een wandeling door dicht bos met flinke hellingen. Het graf zelf is een lus in de rivier, resulterend in een tongvorming schiereiland. Het uitzicht er op is magnifique.

2 mei 2004 | Weer een wandeling gemaakt in de omgeving. Ik had ergens gezien of gelezen over de Scheepsliften op het Centrumkanaal nabij La Louvière. Dit zijn imposante negentiende-eeuwse bouwwerken, in 2002 vervangen door een gloednieuwe reusachtige scheepslift van Strépy-Thieu. Het is min of meer op de route naar huis en meer dan de moeite van het omrijden waard!

 Na al dit technische geweld reden we moe, maar voldaan, huiswaarts.

Nu, vier Peugeots verder, hebben we er eigenlijk wel weer zin in. Dus wie weet, volgend jaar...

Het hotel is nu een superdeluxe gîte voor max. 27 personen. Je betaalt wel de hoofdprijs...

zaterdag 19 april 2014

Löss en mergel

Over tradities gesproken, de laatste jaren gaan we er een weekje, al dan niet gesubsidieerd door het kerstpakket, tussenuit rond Carla's of mijn verjaardag. Dit jaar dus de tweede week van april en wel naar Zuid-Limburg, meer precies Bungalowpark Schin op Geul. Als bonus kwamen de kinders (vier inmiddels) ook een weekendje in een eigen bungalow. De kinderen reden gevieren in Sander's auto mee en wij met alle bagage in de Peus. Ruimte zat! Arriveren had nogal wat voeten in de löss, aangezien de navigatie je naar een verkeerd punt in Walem stuurt. Vertwijfeld informeerde ik bij een lokale bewoner die op zijn motormaaier zat en die stuurde ons, nadat hij bevestigde dat echt iedereen naar dit punt wordt gestuurd, de juiste kant op. Daarna gezwind boodschappen voor drie dagen doen bij de Appie in Valkenburg. Die avond aten we pannenkoeken en hebben we spelletjes gedaan op de Xbox in de kinderbungalow.

De zaterdag was gereserveerd voor een bezoekje aan Maastricht, lekker winkelen, een uitstapje naar de Wyck aan de overkant en wandelen over de stadsmuur, nadat we Japans aten op een terrasje aan de Maas. Die avond aten we luxe broodjes en twee door mij op de markt stiekem gescoorde gegrilde kippetjes, waarna we nog de Monsters vs. Aliens op DVD keken. 

Zondag gingen Mariska en Sander snowboarden en wij namen Laura en Bruno op sleeptouw naar Valkenburg. Het is naar mijn smaak wel erg toeristisch maar iedereen vond het wel leuk. De avond brachten we gezessen door rond de Japanse bakplaat en vierden alvast Carla's verjaardag.


Maandag ondernamen we met zijn allen een korte wandeling in de buurt, voor de kinderen weer richting huis reden. We raakten, lopend langs de Geul, verzeild bij kasteel Schaloen, met aanpalend kasteeltuin Oud Valkenburg, wat helaas voor het seizoen gesloten was. Nadat iedereen was vertrokken reden wij de Mergellandroute.

We zouden eerst op dinsdag en donderdag een lange wandeling maken, maar het weer was nog niet zo goed dus gingen we dinsdag naar Leuven, een stadje dat Mariska en Sander onlangs bezochten en waar ze heel enthousiast over waren. Op de terugweg reden we, de snelweg mijdend, weer op huis aan.


Wij doen al jaren wandelingen uit het boek De mooiste wandelingen in Nederland van Capitool en één ervan start op steenworp afstand van ons park. Het is de Geul en Gerendal route, een wandeling met pittige klimmetjes. Het weer is intussen werkelijk schitterend en we genieten dan ook met volle teugen van het landschap. We liepen door dorpjes als Oud-Valkenburg, Stokhem, Engwegen en Schin op Geul.


Op de achterkant van deze route staat de Cannerberg en St.-Pieter route, één die we al eerder hebben gedaan maar, we zijn er nu toch, we hebben deze op donderdag dunnetjes over gedaan. De beschrijving is helaas niet al te duidelijk dus we zijn op het stuk bij de mergelgroeve enigszins verdwaald. Het weer is iets minder, maar het mag de pret niet drukken. De wandeling gaat ook nog een stukje door Maastricht en dat is ook weer niet verkeerd. 

Vrijdag reden we, met een kleurtje op onze toet, weer westwaarts.

maandag 31 maart 2014

Tour de Pays-Bas

Het begint zo langzamerhand een traditie te worden: een rondje Nederland na aanschaf van een nieuwe Peus. In 2003 ondernam ik dit, met de 307, nog alleen en reed in één dag een paar honderd kilometer rond het IJsselmeer. In 2012, met de 208, was het onze 'zomervakantie'; ruim 800 km via Marken, Harlingen, Enschede (pitsstop) en Thorn. Dit jaar, uiteraard met de 2008, een soortgelijk traject: Volendam, Groningen, Enschede (pitsstop) en Bergeijk.

De pitsstop in Enschede is vaste prik, we logeren dan bij onze dierbare vrienden Hannie en Helmut. Bij wijze van cadeautje hadden we bedacht gerookt paling te scoren in Volendam. Je bent er, vanuit Rotterdam, in een klein uurtje. Volendam an sich is niet mijn kopje thee. Mij te veel banaal toerisme, maar ach, wie ben ik... De langgerekte vissen kochten we bij een piepklein non-descript viswinkeltje om de hoek aan het Zuideinde. De uitbater nam, nadat wij vroegen of we konden pinnen (palingen worden duur betaald) de gelegenheid breed uit te meten over de bankcrisis en wiens schuld dat was (de banken en de regering) zodat wij ons vriendelijk doch dringend excuseerden en uit de voeten maakten. Volgende stop: de Afsluitdijk, meer precies het monument ergens halverwege. 


Daarna spoedden wij ons naar de stad Groningen, alwaar ik online een winkel had ontdekt waar het zogenaamde Klettervest, of werkmansjasje, aan de man wordt gebracht. Mijn vader, straatmaker van beroep, droeg voor dat werk een 'Manchester pak', een robuust ensemble (broek en jas) van zwarte corduroy. In een aanval van een mengeling van ontijdig eerbetoon en misplaatste nostalgie wilde ik voor mezelf zo'n jasje aanschaffen. Aldus begaven wij ons naar Vakkledinghuis Groningen, één van de twee winkels in Nederland waar dit nog verkocht wordt. We parkeerden in het Q-Park garage aan de Ossenmarkt. Sinds ik via de ANWB/Yellowbrick doe aan 06-parkeren (ga toch lekker Bricken...), ben ik ook de trotse eigenaar van den Q-Park creditcard, vandaar. De winkel aan de Oud Ebbingestraat is niet ver daar vandaan. Binnen heerst een prettige chaos van allehande werk- en vrijetijdskleding (kleding dus, zeg maar). Gelukkig hadden ze mijn maat (56, zo blijkt). Zo blij als een kind reden we toeristisch naar Enschede, dwars door de provincies Groningen, Drenthe en een stuk Overijssel.

Na de nodige glazen wijn en Helmut's Bijzondere Pannenkoeken en natuurlijk de meegebrachte gerookte paling, werden de oogjes allengs kleiner en kropen we in ons logeermandje.

's Anderendaags reden we via Duitsland, dit om de Peus eens serieus op de staart te trappen, richting Bergeijk op de grens met België. Hiervoor moesten we, omdat we op het eind nog verkeerd reden, in totaal drie maal de landsgrens overschrijden. Ditmaal werd dit opgeluisterd door extra strenge controles door de Marechaussee in verband met de Nucleaire Top in Den Haag. In Bergeijk start het Tweelandenpad, dat inderdaad door twee landen loopt. Het is het stroomgebied van de Dommel, wat resulteert in een hoop nattigheid op de grond en, helaas omdat het regelmatig regent en zelfs hagelt, ook in de lucht.

Na ruim 800 km is de Peus goedgekeurd.

donderdag 23 augustus 2012

Zomervakantie

We waren dit jaar weer van plan een lang weekend in Enschede door te brengen maar helaas kon ik geen vrij krijgen. Twee dagen later wel en, omdat we ook een rondje Nederland met de nieuwe Peus wilden doen, hebben we dit gecombineerd. We reden via Marken en Harlingen naar Enschede en van daaruit via Duitsland naar Thorn waar Carla die schattige witte huisjes wel eens wilde zien en ik een natuurwandeling langs de Maas wilde maken. We waren bijna acht jaar geleden ook al in Marken, ook op weg naar Harlingen waar we ons 25-jarig huwelijksjubileum vierden. Net als toen wilden we naar de vuurtoren rijden, maar je mag daar niet met de auto komen dus parkeerden we bij het dorp, waarna we door de nevel en broeierige hitte over de dijk naar de vuurtoren wandelden. Op de picknickplaats aten we een boterhammetje en liepen daarna over het Oosterpad weer terug, nog even het dorp in om het massatoerisme aldaar aan den lijve te ondergaan.


Op naar Harlingen. We stopten even bij het monument op de Afsluitdijk, waar Ir. Lely met zijn laptop onder de arm over het IJsselmeer uitkijkt. In Harlingen parkeerden we bij de vuurtoren, waar we acht jaar geleden een nachtje doorbrachten in de hotelkamer helemaal bovenin. De nevel is inmiddels opgetrokken en we maakten een wandelingetje door dit sympathieke stadje, waarna we dwars door Friesland, Drenthe en Overijssel naar Enschede reden. Onderweg in de buurt van Staphorst zagen we wel veertien ooievaars.
 

Thorn in een notendop
Na bij de Appie proviand voor de volgende dag te hebben ingeslagen en alvast een beginnetje te hebben gemaakt met de flessen rosé en rode wijn die voor ons klaarstonden, gingen we een hapje eten bij Fat Kee, een chinees restaurant in de buurt. Toen we binnenkwamen dachten we, nog even verder kijken. Maar er was verder niets bijzonders in de buurt dus we waagden het er maar op. Ik had Pekingeend, wat eigenlijk best lekker was, maar Carla's Mifang Kerrie (Mifang is Twents voor Mihoen) viel zwaar tegen. Het was er ook bloedheet, wat ook niet hielp. Gelukkig hadden we al een zak uitgebakken spekjes bij de wijn leeggegeten...

De volgende dag reden we via Duitsland naar Thorn in Midden-Limburg. Dit gaf mij de kans om de Peus op zijn staart te trappen, hoewel ik niet harder dan 150km/h heb gereden. De wegligging blijft ook onder die omstandigheden uitstekend, wat ik van de oude Peus niet kon zeggen. Na wat strubbelingen om Venlo uit te komen, parkeerden we net buiten Thorn aan de Groothegger-laan, waar we vol goede moed aan een wandeling begonnen. De bewegwijzering is echter nogal summier en ik heb geen kaart. Het pad op de grens met België dat we namen loopt dood en tot overmaat van ramp kreeg Carla een hypo. We kozen eieren voor ons geld en zijn toen Thorn ingelopen, bekend om zijn witgeschilderde huisjes. Dat is het eigenlijk. Op een terrasje dronken we een bakkie en ik nam natuurlijk een stuk abrikozenvlaai. Carla had net al haar brood naar binnen gepropt en had geen trek meer. Op weg naar de Peus waarschuwde Carla nog voor de gaten en kuilen in de weg, maar te laat, ik zwikte en stortte met donderend geraas ter aarde. Hand en elleboog open maar gelukkig hadden we pleisters bij ons. Moe maar voldaan aanvaarden we de reis naar huis. Tot zover onze zomervakantie.


zondag 14 november 2010

Iets gemist?

Ontdekkingsreizigers.
De laatste dag van deze ietwat vreemde vakantie. Je dochter gaat samenwonen met haar vriend in Portugal. Eindelijk een excuus om eens een flink eind te gaan rijden, door België, Frankrijk en Spanje. Spullen mee, bagage en een jerrycan benzine. Op de heenreis maakten we twee stops, in Poitiers en Valladolid. Vervolgens bleven we een doordeweek in Póvoa de Santa Iria, een voorstad van Lissabon, waar we kennis gemaakt hebben met Laura's vrienden en Bruno's ouders. Toen naar Toledo, doe eens gek, we zijn er nu toch. Daar hebben we ons éénendertigjarig huwelijksjubileum gevierd en het 'échte' Toledo's pad gelopen. Dan, in  vier etappes terug. Met een verblijf in Millau van twee dagen en een bezoek aan het Viaduc aldaar en nog eens twee dagen in Saint-Agnan-de-Cernières, bij Celma en Robert.

De (Peugeot) Leeuw van België:
Luctor et emergo
Vanmorgen zijn we tamelijk vroeg opgestaan, we willen rond 10.00 uur vertrekken, wat lukt. Het ontbijt is weer fabuleux en we maken nu legaal lunchpakketjes. Alles moet op, Celma en Robert gaan ook weer richting Nederland. Het is gelukkig weer droog en de wind is gaan liggen. Hoewel we weer over tolwegen rijden is het rond Rouen nog niet zover, daar moet je doorheen. TomTom wordt er bijkans pas bien van. In België zien we hele stukken land onder water, en dat in het westen waar het nogal meevalt. Dan, na 5500 km, terug in Nederland. Het is weer prettig druk op de wegen, zelfs op zondagmiddag. Dát hebben we gemist. Welkom thuis...

Ik heb een erg ongelukkige jeugd gehad...
mijn vader dronk en mijn moeder at.
Kamagurka: Het boeiende leven der sukkels ©1980

maandag 3 mei 2010

Er zijn grenzen

Wij zijn waarschijnlijk de enigen die nog nooit op het Drielandenpunt zijn geweest. Nu we zo dichtbij zijn wagen we het erop. We nemen de snelste route met de TomTom, wat altijd een verrassende rit oplevert. We parkeren gratis bij de Wilhelminatoren die we ook beklimmen voor 2 euro p.p.. Het is een vermolmd stuk hout met uitzicht op een stukje Duitsland vermoeden we. We wanen ons op het Drielandenpunt, maar dat ligt een stuk verderop ontdekken we later. Het is nog net geen massatoerisme gelukkig. Het wemelt er van de zwerfkatten die er overigens weldoorvoed uitzien. Als ik het Echte Drielandenpunt voorbij loop krijg ik prompt een sms’je van Vodafone dat ik welkom ben in België.
We vertrekken maar richting Heijenrath voor een wandeling door het Gulpdal. Helaas kunnen we het gratis parkeerterrein alleen verlaten als we 2 euro in het automaatje gooien. Gratis met een twist. Onderweg kopen we in de Epener Spar versgebakken broodjes en nog verserder gesneden salami (goedkoper en waarschijnlijk lekkerder dan het lunchpakket dat het hotel slijt voor 13,5 euro p.p.). Het is een pittige tocht met veel klimmen en dalen. Gladheid ligt ook weer op de loer, Carla kan er wel om lachen. Het is druilerig weer en best koud. De gedeelten langs de Gulp (ik kan het ook niet helpen) zijn het fotogeniekst.

Bijna 24 jaar geleden huurden Carla en ik een huisje in Eckelrade. Carla was toen zeven maanden zwanger van Mariska. Opa bracht en haalde ons met de Hyundai Pony. We reden er heen om te kijken of we het huisje nog terug konden vinden, maar dat is niet gelukt. De kaart die we toen gebruikten heb ik nu weer meegenomen. Al onze fietstochtjes van toen staan er op getekend met balpen.

We willen niet in het hotel eten, dus gaan we Houthem uitchecken qua Horeca. Dat valt tegen. De Friture is maandag en dinsdag gesloten, het enige andere restaurant is heel duur, dus we melden ons met hangende pootjes bij het hotel. Geluk bij een ongeluk: ze hebben Zoervleis, heb ik altijd al eens willen proberen!


(Zelf)ontspannen in Eckelrade - juli 1986

donderdag 15 oktober 2009

Internationaal geldverkeer

Vandaag werd onze brievenbus opgeschrikt door een enveloppe van het Parket van de Procureur des Konings, afdeling Politierechtbank, residerende aan de Opgeëistenlaan (sic!) te Gent, België. Nadat ik de enveloppe met trillende handen had opengemaakt, maakte ik kennis met het kromme Nederlands onzer Zuiderburen. Na drie keer lezen bleek, dat ik op 8 mei 2009 een zeker bord C43 met daarop vermeld een niet nader genoemde snelheidslimiet heb overschreden. Of ik ter compensatie en op straffe van vervolging door de Rechtbank 60€ over wil maken! Het was de dag dat we naar Celma en Robert in Normandië reden. 

Dat geld heb ik inmiddels via internet overgemaakt aan het Ontvangstkantoor der Penale Boeten, eveneens te Gent. Hiervoor moest ik wel weer een kleine studie doen, omdat geld overmaken naar het buitenland gepaard gaat met termen als BIC-begunstigde en IBAN-nummer, zoals op het overschrijvingsbulletin staat vermeld. Het is wonderwel gelukt en heb de betaling maar een week voor de vervaldatum datum geagendeerd, want je wilt toch niet meemaken dat de Gendarme je van het bed komt lichten...

maandag 6 juli 2009

Over de Alpen uitweiden

29 juni 2009 |  Als je snel naar Frankrijk wilt rijden, moet je niet via België gaan. Daar hebben ze namelijk het patent op lullige redenen voor een verkeersopstopping. Ik noem hier hooibalen, hout en groenten op de weg. Op het benzinestation was het al niet veel beter. Evengoed zorgde dit ervoor, dat de doortocht tweemaal zolang duurde dan TomTom had voorspeld. Na Brussel ging het wel een stuk vlotter en in Frankrijk zelf was nauwelijks verkeer van betekenis op de péage.
 
Weer Online had zomerse waarden in de Alpen beloofd, wat echter tegenviel naarmate we onze bestemming bereikten. Het was wel warm, maar het onweerde ook flink. We arriveerden in Les Contamines-Montjoie rond 18.00 uur, een kleine elf uur na vertrek. Alvorens de chalet te betrekken reden we nog even langs de Intermarché voor de broodnodige boodschappen, met daarin een onevenredig aandeel voor wijn. Ik kamp al een week met een zeer vervelende hoest en dat werd allengs erger. De eerste avond beheerste dat ook een beetje de sfeer en ik was verder ook niet lekker. We zijn redelijk vroeg naar bed gegaan en ik ben ’s nachts een aantal keren wakker geworden, hoewel ik niet zoveel hoestte als gevreesd. Volgens Carla was ik ook heet, wat deze keer aan koorts te wijten was.

30 juni 2009 | Het had ook zijn goeie kanten, want ik had nu een excuus om niet de volgende ochtend met Aad naar de bakker in het dal te gaan en de helletocht weer de berg op mee te maken. Lia had Aad opdracht gegeven om voor mij ook codeïnepillen te kopen om de hoestprikkel te onderdrukken. Die werken perfect en zijn zonder recept verkrijgbaar bij de apotheek, vermits je niet meer dan één doosje koopt. We ontbeten op het balkon met vers brood, gebakken eieren en ham, vergezeld van bloedsinaasappelsap. Dachten we. Het bleek een extreem zuur goedje dat bij nadere lezing van het etiket diende te worden verdund met zes delen water. Een beetje zoals azijnessence en net zo zuur! In het dorp was markt tot 12.30 uur. We kochten fruit, olijven, ik een korte broek, Lia een mandtas (of tasmand) twee horloges (lang verhaal) en Aad een ‘wandelshirt’. Je verzint het niet. Lia dacht ook een leuke zonnebril gescoord te hebben maar die bleek aan de verkoopster toe te behoren. Daarna chillen op het balkon, lekker in het zonnetje. Boekje erbij, het kan niet beter hoewel er flink gewerkt wordt in de buurt wat toch de nodige geluidsoverlast met zich meebrengt. De tuinman en zijn knecht waren bezig met maaien, bladblazen en diverse andere, door machines ondersteunde werkzaamheden. Achter ons wordt een perceeltje bouwrijp gemaakt, wat gepaard gaat met drilboren, een graafmachine en vrachtwagens die af en aan rijden. Verder worden er boomstammen vanaf de berg naar beneden gesleept en min of meer in onze achtertuin opgeslagen met behulp van een grijper. Toen betrok de lucht en dreigde er weer onweer, wat niet doorging, waarna we welgemoed aan de borrel begonnen voor we het eten gingen bereiden.

Na het eten gingen Carla en ik even de buurt verkennen. Het bouwperceeltje is helemaal uitgegraven en van die aarde is een wal aangelegd. Het leeggekomen gedeelte wordt opgevuld met (lei)puin zodat er een waterpas plateautje ontstaat. Wat er komt weten we niet, misschien een luxe vakantiewoning of appartementen-complex. Na tien meter klimmen hadden we het wel gezien. Dit moet je niet doen na een lange dag eten & drinken!


1 juli 2009 | Albertville. De weg naar Albertville is een natte automobilistendroom. Haarspeldbochten, steile hellingen. Er is een wegomleiding wegens werkzaamheden, dus we gaan via een déviation over de D109 i.p.v. de N212 . Aad en Lia hebben een discussie over het jaartal waarin de winterspelen hier waren. Dit wordt, zelfs tot haar eigen verbazing, door Lia gewonnen, (1992) waarna Aad mompelt dat het ook weer niet zo belangrijk was. Het stadje zelf stelt helaas niet zoveel voor. Eén winkelstraat, dat is alles. Het is bloedheet en, zoals gewoonlijk, zijn bijna alle winkels gesloten. We slagen er wel in een T-shirt voor mij en een bloesje en schoenen voor Carla te scoren. Voor de terugweg nemen we een meer landelijke route via de D925 en D218, met zo mogelijk nog meer bochten en hellingen. Ik vind het fantastisch. Nog even langs de Intermarché in Megève voor de boodschappen. Het regent maar het is niet koud, het vaste patroon laat in de middag. We krijgen bezoek van een poes uit de buurt, het is echt een schatje. ’s Avonds kijken we Munich.

2 juli 2009 | We gaan de berg op, naar le Lac d’Armancette. Ik zie er wel tegenop, het is lang geleden dat we echt een inspannende wandeling hebben gemaakt. De klim is ruim 400 meter (hoogteverschil) en we doen er anderhalf uur over. Ik ben helemaal kapot, Lia ook en deze wandeling wordt als facile aangemerkt! De beloning is een prachtig, maar heel klein meertje waarvan het water van de gelijknamige gletsjer komt. Het wemelt er van de donderkopjes, in eerste instantie dacht ik aan kikkers. Maar er zwemmen ook volwassen salamanders en grote donderkoppen met een flinke staart, dus ik hou het op salamanders.

We genieten even van de natuur en lopen weer naar beneden, wat toch een beetje tegenvalt. Ik krijg last van mijn rug en linkerbeen. Eenmaal beneden gaat het wel weer. We besluiten lekker op het balkon te gaan lezen/zonnen. De poes houdt ons ook weer gezelschap en kruipt bij mij op schoot. Ik doop haar Isabelle*. Het is prachtig weer, maar zoals gewoonlijk betrekt het laat in de middag en gaat het onweren. Terwijl de dames een film (Jacob the Liar) kijken, schrijf ik dit op een donker balkon. In de verte rommelt het nog wat. Aad schenkt mij pastis in, zonder water. Het wordt heel gezellig en mijmeren wat over mijn (onderbroken) carrière.

3 juli 2009 | Vandaag doen we het rustig aan en brengen een bezoekje aan Saint-Gervais-les-Bains, een dorpje in het dal. Vandaar vertrekt de tram naar de Mont Blanc. We checken e.e.a. uit voor een tochtje morgen. Daarna gaan we naar Sallanches om inkopen te doen bij Carrefour. We slaan weer de nodige hapjes en drankjes in. Bij de olijfolie ontdek ik Huile d’Olive Toledo, uit zone de production Montes de Toledo. Ik koop een paar flesjes om in Nederland uit te delen. Isabelle voelt zich al helemaal thuis en begint zelfs een beetje opdringerig te worden. We overwegen haar mee te nemen naar Nederland (grapje). ’s Avonds kijken we The Missing.

4 juli 2009 | Vandaag gaan we met de Tramway du Mont-Blanc de Mont Blanc op. We zijn ruim op tijd dus we verkennen de buurt van het stationnetje. Het is 's morgens in de vroegte maar er staan al wat mannen in de stationsrestauratie drank achterover te slaan. Dit jaar bestaat de lijn honderd jaar en dat wordt volgende week gevierd, dus dat lopen we mis. Vanaf hier tot aan het eindpunt kost een retourtje 25 euro p.p. We verwachtten geen TGV, maar dit trammetje heeft toch zijn beste tijd wel gehad. Houten bankjes die, zoals verwacht, keihard zitten. Zuchtend en steunend komt het gevaarte in beweging maar gaat onverwacht soepel de berg op. Er is een aantal stops onderweg en de reizigers zijn voornamelijk door de wol geverfde alpinisten. Het eindpunt is Le Nid de l’Aigle met zicht op de Glacier de Bionnassay en het daaruit voortspruitende riviertje. Je kunt daar rondlopen of één van de paden naar boven of naar beneden nemen. De meeste alpinisten gaan omhoog. Wij wagen ons op een pad naar beneden. Er loopt en kudde gemzen en het gaat onweren. Gelukkig hebben we paraplu’s bij ons. Aad en Lia keren op hun schreden terug maar wij dalen verder af.

Er is hier geen pad en de regen maakt het glad. Gelukkig vinden we weer een pad naar boven, die iets steiler en gevaarlijker is dan Carla, met haar hoogtevrees, aan kan. Ik hou het hoofd koel om Carla niet ongerust te maken, maar ze sterft van angst. Gelukkig loopt het goed af. Aad is zelfs nog teruggegaan om ons te zoeken, maar wij zijn zelf nog eerder terug dan Lia en het duurt even voordat ook Aad zich weer bij ons voegt. Hij heeft geen gevaar onderweg gezien. Mannen! We moeten ruim een uur wachten voordat we weer naar beneden gaan en allengs verzamelt zich weer een bont gezelschap terugkerende alpinisten. Het weer slaat om en het gaat flink onweren en regenen. De menigte gaat zonder toestemming van de conducteur de tram in, wij voorop, waarna we in het Frans nog een uitbrander krijgen.

De tocht naar beneden duurt gek genoeg net zo lang als naar boven. Het is daar gelukkig mooi weer en we rijden voldaan richting chalet, na eerst nog wat stokbroden voor de terugreis gescoord te hebben bij het bakkertje in het dorp. De dames maken het huis nog even aan kant en we lezen nog even op het balkon, de poes bij mij op schoot. Dan vroeg naar bed, we willen om 07.00 uur vertrekken.

5 juli 2009 | Dat lukt wonderwel, we rijden een kwartiertje later weg. Het is stil op de weg en we kunnen goed opschieten. Net als op de heenreis rijden Aad en ik omstebeurt. Naarmate we vorderen daalt de temperatuur, met als dieptepunt het stuk tussen Brussel en Antwerpen. Er valt een enorme stortbui en de weg staat blank met schuimkoppen. Ik weet dat dit een mengsel is van olie, rubber en andere troep en als zodanig spekglad  Ik houdde snelheid op 90 km/u. In de buurt van Antwerpen stopt de regen en ook de temperatuur gaat weer omhoog. In Rotterdam is het weer gewoon zomerweer. We zetten Aad en Lia af bij hun huis en tegen zessen zijn we weer thuis.



* Wrample uit Isabelle, je t'aime van Les Poppys (1972).
** Wrample uit Op een klein stationnetje (trad.).